Tokyo.nl » Japan (日本) » Nagasaki (長崎市) » De VOC handelspost Deshima

De VOC handelspost Deshima

Deshima VOC handelspost Japan
Deshima VOC handelspost Japan

Twee eeuwen lang waren Nederlanders de enige Europeanen die handel mochten drijven met Japan, maar dan wel vanaf een klein, geïsoleerd eilandje voor de kust van Nagasaki genaamd Deshima (soms ook Dejima).

Wat wil je weten over Deshima?

Isolatie en handel met Nederland via Deshima

Het begon allemaal rond het jaar 1598 toen een handelsmissie vanuit Rotterdam vertrok naar Japan. Het beroemde Nederlandse galjoen “De Liefde” was van deze handelsmissie het eerste schip dat vanuit Nederland op 19 april in het jaar 1600 Japan bereikte. De koopman Jan Joosten van Lodensteyn die mee voer op dit schip overtuigde kort daarna de Japanse regering om een handelsrelatie met Nederland aan te gaan. In het jaar 1609 was dit verbond gerealiseerd en was er een handelspost op het eiland Hirado van de Nederlandse Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC). Het eiland Deshima bestond toen nog niet.

In de jaren 1620-1640, na ongeveer een eeuw van intensieve handel met de Portugezen, besloot de nieuwe Japanse regering het land volledig te isoleren en af te sluiten van deze buitenlanders. Europeanen waren niet meer welkom en handel kon niet meer worden gedreven. Tevens werd het Japanse onderdanen verboden het land te verlaten. Deze periode van totale isolatie werd de Sakoku genoemd en duurde meer dan twee eeuwen. Echter, waren de Nederlanders nog steeds welkom via het eiland Hirado om handel met Japan te drijven.

Jan Joosten voelde zich zo thuis in Japan dat hij zich uiteindelijk permanent vestigde in Japan. Hij werd uiteindelijk zelfs adviseur van de toenmalig Shogun. Deze vernoemde het district Yaesu in de wijk Chuo naar hem.

Wist je dat er in Nihonbashi vlak naast het Centraal Station van Tokyo een groot gedenkmonument staat van Jan Joosten van Lodensteyn?

Het ontstaan van Deshima

Plattegrond Deshima
Plattegrond van Deshima

Helaas kwam er op 24 juli 1641 een einde aan de grote handelsvrijheid die de Nederlandse handelaren hadden genoten in Japan via Hirado. De Portugezen en Spanjaarden waren al een aantal jaren eerder verbannen uit Japan. Nu waren wij aan de beurt. Maar gelukkig door de goede relatie met de Nederlandse VOC via Jan Joosten van Lodensteyn kregen wij uiteindelijk toch het alleenrecht om handel te drijven met Japan. Wel met extreme beperkingen en alleen via het kunstmatige eilandje Deshima nabij de haven van Nagasaki.

Het kunstmatige eilandje Deshima was enkele jaren eerder gebouwd om de Portugezen af te zonderen, maar er werd besloten om deze volledig te verbannen uit Japan. De Nederlanders mochten het overnemen.

Deshima handelsroutes
Deshima handelsroutes

Tegelijkertijd werd de andere Nederlandse handelspost op Hirado opgeheven en verplaats naar Deshima. De lucratieve handel met Japan zorgde ervoor dat er een aantal permanente bewoners waren in Deshima. Zo brachten Nederlandse kooplieden, meesters en opperhoofden het hele jaar afgezonderd door, want zij mochten zelden van het eiland af naar het vaste land van Kyushu. De handelspost Deshima bleef dienen als toegangspunt tot het land tot het jaar 1853.

Tussen 1641 en 1853 had de Nederlandse VOC het alleenrecht in de wereld om handel te drijven met Japan

Het eilandje Deshima

Deshima telt ongeveer 13.000 vierkante meter, wat ongeveer gelijk is aan de Dam in Amsterdam, en werd omringd door een houten muur met ijzeren punten en een brug die het eiland met het vaste land van Japan verbond. Het eiland werd dag en nacht bewaakt door de Japanners en overal rondom het eiland stonden houten borden met decreten van de regering erop die schepen verbood om in de buurt te komen van het vaste land van Japan. Op Deshima zelf stonden pakhuizen voor de Nederlanders die er in redelijke comfort konden leven. Daarnaast stonden er kantoren van Japanse ambtenaren en tolken.

Het eiland werd volledig beheerst door Japanse bureaucratie want zo woonden er hooguit 20 Nederlanders op Deshima maar waren er tientallen Japanse wachters, 36 penningmeesters, 15 koelie-opzichters, 24 huisbazen, 17 commissarissen, een aantal secretarissen en meer dan 150 tolken aanwezig. Al deze ambtenaren moest de VOC uit eigen zak betalen wat neerkwam op een kleine 16.000 gulden per jaar. Ondanks de hoge kosten was de handel met Japan zeer lucratief. Dankzij de overvloed aan koper en zilver in het land.

Het leven op Deshima

Deshima straatbeeld
Deshima straatbeeld

Het leven op Deshima moet meer als een vrijwillige gevangenis gevoeld hebben dan een vrij bestaan. Ieder aspect van het leven van de Nederlanders werd namelijk strikt gereguleerd door de Japanners. Daarnaast kon niemand het eiland betreden of verlaten zonder officiële toestemming. Nederlanders van de VOC mochten hun gezin niet meenemen naar de handelspost zoals gebruikelijk was op VOC missies. De persoonlijke bezittingen mochten op elk moment doorzocht worden door de Japanners en het bezitten of uitvoeren van religieuze praktijken was strikt verboden. Handelsschepen mochten alleen volgens een script schema aanmeren en de bemanning mocht niet van de boot af.

Toch woonden de Nederlanders in relatief luxe en verdreven ze de tijd met het behouden van een bloementuin, houden van vee, het doen van spelletjes en natuurlijk drinken. Wat opvallend is dat de Japanners wel prostituees leverde aan de bemanning van de handelspost. Deze konden tegen een aanzienlijk bedrag gehuurd worden voor dagen of jaren. Dit werd zelfs door sommige Nederlanders erkent als een surrogaathuwelijk.

Jaarlijkse reis naar de hoofdstad van Japan

De daimyō (lokale feodale heersers) van Japan maakten naar oud gebruik jaarlijks een reis naar de hoofdstad om zich te presenteren voor de shogun, de heerser van Japan. Ook het Nederlandse opperhoofd van Deshima kreeg deze eer. Hij werd voor deze gelegenheid getiteld als daimyō. De hofreis naar Edo (het huidige Tokyo), waarbij de Nederlanders werden vergezeld door hun tolken en officieren, was de enige kans om een glimp op te vangen van het gesloten Japan en zijn unieke cultuur. De reis duurde al snel drie maanden omdat ze meer dan 1200 kilometer over het eiland Honshu moesten afleggen.

Tijdens deze reis verbleven de Hollandse handelaren in luxueuze herbergen en huizen en zagen onder meer de steden Kyoto, Nara en Osaka. Hier konden ze soms culturele taferelen zoals theater of festivals bewonderen die geen andere buitenlander ooit had gezien. Eenmaal aangekomen bij het hof van de Shogun waren de ceremonies en rituelen vaak gericht om de Nederlanders te bespotten en te vernederen. Toch wisten de VOC-lieden dat zij meer voor elkaar zouden krijgen als zij de rol van nederige, miezerige handelaar zouden spelen. Deze pragmatische instelling won het meestal van de trots en leverde uiteindelijk een hoop geld en handelswaar op.

Gedurende de reis naar Edo hadden de handelaren de kans om lucratieve deals te sluiten met de lokale bevolking, zo werden ze zelf vaak erg rijk en was een positie op Deshima dus erg gewild onder de VOC leden. De handelsposities waren zo gewild op Deshima dat handelaren tot extreme gingen om gunstig te blijven bij de Japanners. Zo is één van de laatst levende dodo vogels in het jaar 1647 door de Nederlanders geschonken aan de bestuurde van Shikoku Matsudaira Oki-no-kami, een bloedverwant van de Shogun van Japan. Lees hier verder in het NRC dagblad over dit merkwaardige verhaal en de handelsreis van het VOC-schip de “Jonge Prins“.

Het einde van Deshima en de Sakoku

Deshima als populaire trekpleister in Nagasaki
Deshima als populaire trekpleister in Nagasaki

Na ruim twee eeuwen het alleenrecht op handel met Japan te hebben gehad kwam er in 1853 een einde aan de sakoku. Het Sakoku-beleid werd al geruime tijd bekritiseerd in Japan want het zou de ontwikkeling van het land remmen. Toen in 1853 de “zwarte schepen” van de Amerikaanse Commodore Matthew Perry in de haven van Edo verscheen heerste er totale paniek binnen de Japanse regering en het hof. Ondanks dat zijn missie het aangaan van diplomatieke- en handelsbanden met Japan was, is de Commodore toch volledig voorbereid geweest op geweld, mocht hij worden afgewezen.

Commodore Perry dwingt handelsverdrag af
Commodore Perry dwingt handelsverdrag af

De zieke shogun kon op dit moment niet goed leiding geven en meningsverschillen tussen de politieke groepen zorgde er uiteindelijk voor dat Perry toch werd toegelaten. Op 31 maart 1854 werd het Kanagawa-verdrag gesloten waardoor verschillende havens in Japan werden geopend voor buitenlandse schepen. De Sakoku periode en exclusieve handelsrechten van Deshima waren ten einde gekomen. Ondanks dit onderhoudt Nederland nog zeer sterke banden met Japan en heerst er zeer veel wederzijds respect.

Deshima VOC handelspost Japan
Deshima tegenwoordig

Deshima is tegenwoordig een bekende en populaire attractie in Nagasaki. De Japanners hebben namelijk getracht om het eiland in oude stijl te herstellen. Deshima is daarom een verplicht nummertje op de bucketlist wanneer je in Nagasaki bent. Voor meer informatie kan je terecht op nagasakidejima.jp.

Wist je trouwens dat de Japanners een gehele fictieve Nederlandse stad hebben nagebouwd als themapark? Genaamd Huis ten Bosch. Hier ligt tevens een replica op schaalgrote van het galjoen “De Liefde”.

Opperhoofden van Deshima

De opperhoofden van Deshima waren de bestuurders van het eiland en werden elk jaar vervangen. Hieronder volgt de lijst met alle 158 opperhoofden die dienden voor de VOC op het eiland Deshima.

  • Maximiliaen Le Maire: 14-2-1641 – 30-10-1641
  • Jan van Elseracq: 1-11-1641 – 29-10-1642
  • Pieter Anthoniesz. Overtwater: 29-10-1642 – 1-8-1643
  • Jan van Elseracq: 1-8-1643 – 24-11-1644 (2e periode)
  • Pieter Anthoniesz. Overtwater: 24-11-1644 – 30-11-1645 (2e periode)
  • Reynier van Tzum: 30-11-1645 – 27-10-1646
  • Willem Verstegen: 28-10-1646 – 10-10-1647
  • Frederick Coyett: 3-11-1647 – 9-12-1648
  • Dircq Snoecq: 9-12-1648 – 5-11-1649
  • Anthony van Brouckhorst: 5-11-1649 – 25-10-1650
  • Pieter Sterthemius: 25-10-1650 – 3-11-1651
  • Adriaen van der Burgh: 1-11-1651 – 3-11-1652
  • Frederick Coyett: 4-11-1652 – 10-11-1653 (2e periode)
  • Gabriel Happart: 4-11-1653 – 31-10-1654
  • Leonard Winninx: 31-10-1654 – 23-10-1655
  • Johannes Bouchelion: 23-10-1655 – 1-11-1656
  • Zacharias Wagenaer [Wagener]: 1-11-1656 – 27-10-1657
  • Joan Bouchelion: 27-10-1657 – 23-10-1658 (2e periode)
  • Zacharias Wagenaer [Wagener]: 22-10-1658 – 4-11-1659 (2e periode)
  • Joan Bouchelion: 4-11-1659 – 26-10-1660 (3e periode)
  • Hendrick Indijck: 26-10-1660 – 21-11-1661
  • Dirck van Lier: 11-11-1661 – 6-11-1662
  • Hendrick Indijck: 6-11-1662 – 20-10-1663 (2e periode)
  • Willem Volger: 20-10-1663 – 7-11-1664
  • Jacob Gruijs: 7-11-1664 – 27-10-1665
  • Willem Volger: 28-10-1665: – 27-10-1666 (2e periode)
  • Daniel Six [Sicx]: 18-10-1666 – 6-11-1667
  • Constantin Ranst: 6-11-1667 – 25-10-1668
  • Daniel Six [Sicx]: 25-10-1668 – 14-10-1669 (2e periode)
  • François de Haes: 14-10-1669 – 2-11-1670
  • Martinus Caesar: 2-11-1670 – 12-11-1671
  • Johannes Camphuys: 22-10-1671 – 12-11-1672
  • Martinus Caesar: 13-11-1672 – 29-10-1673 (2e periode)
  • Johannes Camphuys: 29-10-1673 – 19-10-1674 (2e periode)
  • Martinus Caesar: 20-10-1674 – 7-11-1675 (3e periode)
  • Johannes Camphuys: 7-11-1675 – 27-10-1676 (3e periode)
  • Dirck de Haas: 27-10-1676 – 16-10-1677
  • Albert Brevincq: 16-10-1677 – 4-11-1678
  • Dirck de Haas: 4-11-1678 – 24-10-1679 (2e periode)
  • Albert Brevincq: 24-10-1679 – 11-11-1680 (2e periode)
  • Isaac van Schinne: 11-11-1680 – 31-10-1681[4]
  • Hendrick Canzius: 31-10-1681 – 20-10-1682
  • Andreas Cleyer: 20-10-1682 – 8-11-1683
  • Constantin Ranst de Jonge: 8-11-1683 – 28-10-1684
  • Hendrick van Buijtenhem: 25-10-1684 – 7-10-1685
  • Andreas Cleyer: 17-10-1685 – 5-11-1686 (2e periode)
  • Constantin Ranst de Jonge: 5-11-1686 – 25-10-1687 (2e periode)
  • Hendrick van Buijtenhem: 25-10-1687 – 13-10-1688 (2e periode)
  • Cornelis van Outhoorn: 13-10-1688 – 1-11-1689
  • Balthasar Sweers: 1-11-1689 – 21-10-1690
  • Hendrick van Buijtenhem: 21-10-1690 – 09-11-1691 (3e periode)
  • Cornelis van Outhoorn: 9-11-1691 – 29-10-1692 (2e periode)
  • Hendrick van Buijtenhem: 29-10-1692 – 19-10-1693 (4e periode)
  • Gerrit de Heere: 19-10-1693: – 7-11-1694
  • Hendrik Dijkman: 7-11-1694 – 27-10-1695
  • Cornelis van Outhoorn: 27-10-1695 – 15-10-1696 (3e periode)
  • Hendrik Dijkman: 15-10-1696 – 3-11-1697 (2e periode)
  • Pieter de Vos: 3-11-1697 – 23-10-1698
  • Hendrik Dijkman: 23-10-1698 – 12-10-1699 (3e periode)
  • Pieter de Vos: 21-10-1699 – 31-10-1700 (2e periode)
  • Hendrik Dijkman: 31-10-1700 – 21-10-1701 (4e periode)
  • Abraham Douglas: 21-10-1701 – 30-10-1702
  • Ferdinand de Groot: 9-11-1702 – 30-10-1703
  • Gideon Tant: 30-10-1703 – 18-10-1704
  • Ferdinand de Groot: 18-10-1704 – 6-11-1705 (2e periode)
  • Hermanus Menssingh: -11-1705 – -10-1706
  • Ferdinand de Groot: 26-10-1706 – 15-10-1707 (3e periode)
  • Hermanus Menssingh: 15-10-1707 – 2-11-1708 (2e periode)
  • Jasper van Mansdale: 2-11-1708 – 22-10-1709
  • Hermanus Menssingh: 22-10-1709 – 10-11-1710 (3e periode)
  • Nicolaas Joan van Hoorn: 10-11-1710 – 31-10-1711
  • Cornelis Lardijn: 31-10-1711 – 7-11-1712
  • Nicolaas Joan van Hoorn: -11-1712 – -11-1713 (2e periode)
  • Cornelis Lardijn: 7-11-1713 – 27-10-1714
  • Nicolaas Joan van Hoorn: 27-10-1714 – 19-10-1715 (3e periode)
  • Gideon Boudaen: 19-10-1715 – 3-11-1716
  • Joan Aouwer: 3-11-1716 – 24-10-1717
  • Christiaen van Vrijbergh[e]: 24-10-1717 – 13-10-1718
  • Joan Aouwer: 13-10-1718 – 21-10-1719 (2e periode)
  • Christiaen van Vrijbergh[e]: 21-10-1719 – 21-10-1720 (2e periode)
  • Roelof Diodati: 21-10-1720 – 9-11-1721
  • Hendrik Durven: 9-11-1721 – -10-1722 Hendrik Durven: -10-1722 – 18-10-1723 (2e periode)
  • Johannes Thedens: 18-10-1723 – 25-10-1725
  • Joan de Hartogh: 25-10-1725 – 15-10-1726
  • Pieter Boockestijn: 15-10-1726 – 3-11-1727
  • Abraham Minnedonk: 3-11-1727 – 20-10-1728
  • Pieter Boockestijn: 22-10-1728 – 12-10-1729 (2e periode)
  • Abraham Minnedonk: 12-10-1729 – 31-10-1730 (2e periode)
  • Pieter Boockestijn: 31-10-1730 – 7-11-1732 (3e periode)
  • Hendrik van de Bel: 7-11-1732 – 27-10-1733
  • Rogier de Laver: 27-10-1733 – 16-10-1734
  • David Drinckman: 16-10-1734 – 4-11-1735
  • Bernardus Coop [Coopa] à Groen: 4-11-1735 – 24-10-1736
  • Jan van der Cruijsse: 24-10-1736 – 13-10-1737
  • Gerardus Bernardus Visscher: 13-10-1737 – 21-10-1739
  • Thomas van Rhee: 22-10-1739 – 8-11-1740
  • Jacob van der Waeijen: 9-11-1740 – 28-10-1741
  • Thomas van Rhee: 29-10-1741 – 17-10-1742 (2e periode)
  • Jacob van der Waeijen: 17-10-1742 – 9-11-1743 (2e periode)
  • David Brouwer: 5-11-1743 – 1-11-1744
  • Jacob van der Waeijen: 2-11-1744 – 28-12-1745 (2e periode)
  • Jan Louis de Win: 30-12-1745 – 2-11-1746
  • Jacob Balde: 3-11-1746 – 25-10-1747
  • Jan Louis de Win: 28-10-1747 – 11-11-1748 (2e periode)
  • Jacob Balde: 12-11-1748 – 8-12-1749 (2e periode)
  • Hendrik van Homoed: 8-12-1749 – 24-12-1750
  • Abraham van Suchtelen: 25-12-1750 – 18-11-1751[5]
  • Hendrik van Homoed: 19-11-1751 – 5-12-1752 (2e periode)
  • David Boelen: 6-12-1752 – 15-10-1753
  • Hendrik van Homoed: 16-10-1753 – 3-11-1754 (3e periode)
  • David Boelen: 4-11-1754 – 25-10-1755 (2e periode)
  • Herbert Vermeulen: 25-10-1755 – 12-10-1756
  • David Boelen: 13-10-1756 – 31-10-1757 (3e periode)
  • Herbert Vermeulen: 1-11-1757 – 11-11-1758 (2e periode)
  • Johannes Reijnouts: 12-11-1758 – 11-11-1760
  • Marten Huijshoorn: 12-11-1760 – 30-10-1761
  • Johannes Reijnouts: 31-10-1761 – 2-12-1762 (2e periode)
  • Fredrik Willem Wineke: 3-12-1762 – 6-11-1763
  • Jan Crans: 7-11-1763 – 24-10-1764
  • Fredrik Willem Wineke: 25-10-1764 – 7-11-1765 (2e periode)
  • Jan Crans: 8-11-1765 – 31-10-1766 (2e periode)
  • Herman Christiaan Kastens: 1-11-1766 – 20-10-1767
  • Jan Crans: 21-10-1767 – 8-11-1769 (3e periode)
  • Olphert Elias: 9-11-1769 – 16-11-1770
  • Daniel Armenault: 17-11-1770 – 9-11-1771
  • Arend Willem Feith: 10-11-1771 – 3-11-1772
  • Daniel Armenault [Almenaault]: 4-11-1772 – 22-11-1773 (2e periode)
  • Arend Willem Feith: 23-11-1773 – 10-11-1774 (2e periode)
  • Daniel Armenault [Almenaault]: 11-11-1774 – 28-10-1775 (3e periode)
  • Arend Willem Feith: 28-10-1775 – 22-11-1776 (3e periode)
  • Hendrik Godfried Duurkoop: 23-11-1776 – 11-11-1777
  • Arend Willem Feith: 12-11-1777 – 28-11-1779 (4e periode)
  • Isaac Titsingh: 29-11-1779 – 5-11-1780
  • Arend Willem Feith: 6-11-1780 – 23-11-1781 (5e periode)
  • Isaac Titsingh: 24-11-1781 – 26-10-1783 (2e periode)
  • Hendrik Casper Romberg: 27-10-1783 – -8-1874 Isaac Titsingh: -8-1784 – 30-11-1784 (3e periode)
  • Hendrik Casper Romberg: 0.11.84 – 21-11-1785 (2e periode)
  • Johan Fredrik van Rheede tot de Parkeler: 22-11-1785 – 20-11-1786
  • Hendrik Casper Romberg: 21-11-1786 – 30-11-1787 (3e periode)
  • Johan Frederik van Rheede tot de Parkeler: 1-12-1787 – 1-8-1789 (2e periode)
  • Hendrik Casper Romberg: 1-8-1789 – 13-11-1790 (4e periode)
  • Petrus Theodorus Chassé: 13-11-1790 – 13-11-1792
  • Gijsbert Hemmij: 13-11-1792 – 8-7-1798
  • Leopold Willem Ras: 8-7-1798 – 17-7-1800
  • Willem Wardenaar: 16-7-1800 – 14-11-1803
  • Hendrik Doeff: 14-11-1803 – 6-12-1817
  • Jan Cock Blomhoff: 6-12-1817 – 20-11-1823
  • Johan Willem de Sturler: 20-11-1823 – 5-8-1826
  • Germain Felix Meijlan: 4-8-1826 – 1-11-1830
  • Jan Willem Fredrik van Citters: 1-11-1830 – 30-11-1834
  • Johannes Erdewin Niemann: 1-12-1834 – 17-11-1838
  • Eduard Grandisson: 18-11-1838 – -11-1842 Pieter Albert Bik: -11-1842 – 31-10-1845
  • Joseph Henrij Levijssohn: 1-11-1845 – 31-10-1850
  • Frederick Colnelis Rose: 1-11-1850 – 31-10-1852
  • Janus Henricus Donker Curtius: 2-11-1852 – 28-2-1860

Dit vroegen reizigers zich eerder af over Deshima;

👑 Wie waren de opperhoofden van Deshima?

Tussen de periode 14-02-1641 en 28-02-1860 zijn er 158 opperhoofden (bestuurders) geweest op het eilandje Deshima. De volledige lijst vind je hier.

📒 Wat zijn de Deshima dagregisters?

In de dagregisters van Deshima werden door de VOC handelaren hun dagelijkse activiteiten en handelswaren vastgelegd. Het zijn gedetailleerde beschrijvingen van het dagelijkse leven op het eilandje.

🇯🇵 Wanneer was de exclusieve handelsperiode van Nederland met Japan?

Tussen 1609-1641 via het eiland Hirado en 1641 tot 1854 via Deshima was de Nederlandse VOC de enige Europese handelspartner van Japan. Andere landen dreven vooral stiekem via de VOC handel met het land. De verstevigde de relatie tussen Nederland en Japan tot op de dag van vandaag.

Eilandjes in Japan

Deshima is niet het enige kunstmatige eiland in Japan. In de hoofdstad Tokyo schieten wijken als Toyosu, Odaiba en Tsukishima uit de grond op kunstmatige eilanden.

Op zoek naar andere eilanden met een verhaal in Japan? Neem dan eens een kijkje op;

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *